‘We lopen achter, we kijken de kat uit de boom’

Eerstelijns zorgprofessionals en onderzoekers ontmoeten elkaar in de laatste subsessie in de grote zaal. Hoe vertalen we het onderzoek naar man-vrouwverschillen naar de praktijk?

Miranda van Duijn en moderator Inge Diepman introduceren de tweede subsessie in de grote zaal. Drie jaar geleden maakte het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport geld vrij voor onderzoek naar man-vrouwverschillen. 

Van Duijn mag als programmasecretaris bij ZonMw dat geld verdelen. Vast een leuke taak, zegt Diepman. Van Duijn knikt bevestigend. "Maar ook een grote opdracht. Er ligt twaalf miljoen euro, er lopen 40 projecten en dan blijft er nog steeds heel veel op de plank liggen." Nu actueel: een financieringsronde voor projecten gericht op implementatietrajecten. Nog tot 7 mei kunnen mensen daarvoor hun plannen indienen. 

Waarom is het eigenlijk zo’n leuke klus, vraagt Diepman aan Van Duijn. "Omdat je direct werkt aan innovatie in de gezondheidszorg."

Rekening houden met verschillen
Hoe kunnen we in de praktijk rekening houden met alle verschillen? Daarover gaat een panel in gesprek. "Er zijn huisartsenstandaarden, maar we lopen achter, we kijken de kat uit de boom", zegt huisarts Miriam Cohen, die ook lid is van de Hart- en Vaatziekten Huisartsen Adviesgroep. "Natuurlijk kunnen we afwijken van de standaarden, maar er is nog te weinig wetenschap", stelt Swanet Woldhuis vast. Zij is clusterhoofd richtlijnen en wetenschap bij het Nederlands Huisartsen Genootschap. 

In hoeverre leeft dit onderwerp bij de Patiëntenfederatie Nederland, vraagt moderator Diepman aan directeur-bestuurder Dianda Veldman. "Patiëntenorganisaties organiseren zich rondom een ziekte, dus genderverschillen is niet iets dat elke maand op de agenda staat. Tegelijkertijd vinden we het natuurlijk wel belangrijk. Aan de ene kant is er onderzoek nodig om therapie op maat te kunnen bieden, aan de andere kant moeten we ook gewoon luisteren naar de mensen." 

Hart- en vaatziekten 
We krijgen vandaag ook een inkijkje in de verschillende onderzoeken die met geld van het programma Gender en Gezondheid zijn uitgevoerd. Zo is er een literatuurstudie gedaan naar de risico’s op hart- en vaatziekten bij psychosociale klachten en werd er gekeken naar studies naar angststoornissen en de bijwerkingen van geneesmiddelen. 

Ook werd er binnen het project onderzoek gedaan naar de verschillen in effecten van triptanen, het medicijn dat vaak bij migraine wordt voorgeschreven. Daaruit blijkt dat vrouwen een grotere kans hebben op terugkeer van hoofdpijn na 24 uur en dat vrouwen ook een verhoogde kans op bijwerkingen hebben. De onderzoekers denken dat dit komt doordat migraineaanvallen bij vrouwen vaker worden veroorzaakt door hormoonspiegelingen.

Interessant tijdperk
De grote conclusie van alle onderzoeken: er is nog veel meer onderzoek nodig. Gender blijft in studies naar deze onderwerpen vaak onderbelicht.  "We staan nog maar aan het begin van het kijken naar unieke mensen", stel Teus van Barneveld vast. Hij is directeur van het Kennisinstituut van de Federatie Medisch Specialisten. 

Moderator Diepman besluit positief. "Oftewel: we staan aan het begin van een ontzettend interessant tijdperk.” Ze richt zich tot de zaal. “Succes daarmee." 

Voeg toe aan selectie